Open Writer via het systeemvak. Doorloop eventueel even de tekst ’Writer opstarten’. Writer toont zich in volle glorie op het scherm.

Als u al met een tekstverwerker gewerkt hebt, komt Writer u vertrouwd voor.
Is dat niet zo, geen nood.
U komt alles stap voor stap aan de weet.
Het programmavenster vertoont veel gelijkenis met dat van andere teksverwerkingsapplicaties.
Toch zijn er ook op het eerste gezicht alvast enkele duidelijke verschillen.
Verkennen
Natuurlijk kijkt u eerst eens rond in de werkomgeving.
U past haar ook gedeeltelijk aan.
Handig is dat het werkvenster ons onmiddellijk zijn begrenzingen toont.
Dat is goed.
Dit houdt u voorlopig zo.
Om een mooi overzicht te bekomen, start u gewoon met een leeg werkveld, waarrond de balken zich bevinden.
U beweegt eerst met de muis over de knoppen van de drie bovenste balken en merkt dat Writer in een klein kadertje telkens de naam en vaak ook de functie van elke knop kort weergeeft. Dit is de zogenaamde knopinfo.
Aan het einde van deze werkbalken vindt u ook een naar omlaag wijzend pijltje.
Druk dit in en kies voor ’Zichtbare knoppen’ en maak kennis met de omschrijving voor alle knoppen voor die balk.
Nader kennismaken
Bovenaan bevindt zich de titelbalk . Gezien zijn belang bespreken we hem uitvoerig in het volgende onderdeel. U kan via deze balk het venster besturen waarin je document gemaakt wordt, en hij is dus essentieel en onontbeerlijk. U kan er ook je toepassing mee afsluiten.
De balk die hier zich hieronder bevindt is de tweede belangrijkste: het is de menubalk . Hij kan een groot aantal gebeurtenissen aansturen die je bij het werken met het document nodig zal hebben. Hij toont zich als volgt:
![]()
Klik achtereenvolgens op elk menu-item (Bestand, Bewerken, Beeld , ….).
Er ontvouwt zich een menustructuur.
Volg met de cursor de menumogelijkheden die zich ontvouwen.
Sommige mogelijkheden ontvouwen een submenu.
Open het menu Beeld. Selecteer ’Werkbalken’.
In het submenu worden de werkbalken getoond.
Vink elke mogelijke werkbalk aan en daarna weer uit.
Bekijk telkens aandachtig het resultaat.
Sommige werkbalken tonen zich zwevend. Merk op dat ook de niet-actieve knoppen in het submenu ’Zichtbare knoppen’ een omschrijving meekrijgen. Probeer dit uit met de werkbalk ’ Uitlijnen’.
Tot slot:
Sluit Writer af via de knop ’Document sluiten’ (de X bovenaan rechts). Klik in het dialoogvenster op ’Verwerpen’.


