Verbinding maken met uw gegevensbestand
U maakte uw etikettenblad klaar voor automatische invulling.
U bracht de verbinding tot stand tussen Writer en uw gegevensbron.
Plaats uw cursor nu achteraan de velden in de etikettenruimte. (Zie: Etiketten maken: voorbereiding).
Kies ’Invoegen> Velden>’Overige…’.
In het dialoogvenster ’Velden’ opent u het tabblad ’Database’.
Ga voor Type ’Volgende record’ en selecteer de geschikte database.
Druk op ’Invoegen’ en ’Sluiten’.

Voor u bevindt zich het etikettenvel met de gewenste velden.
Gegevens overbrengen in de velden
Na een druk op ’Etiketten synchroniseren’ genereert Writer een blad met identieke etiketten over het hele blad.

Dit wil u uiteraard aanpassen.
Alle adressen in de gegevensbron selecteren doet u door daar in het linkerbovenhoekje van de tabel te klikken.
In de gegevensbron klikt u nu op het icoon ’Gegevens naar velden’.

De adressen uit de gegevensbron worden nu ingebracht op het etikettenvoorbeeld.

Afdrukken
Druk op ’Ctrl+P’ of ga via ’Bestand>Afdrukken’.
Als u wil afdrukken, krijgt u eerst een waarschuwingsvenster:

U bevestigt met ’Ja’.
In het laatste dialoogvenster bepaalt u welke adressen u wil afdrukken.
U drukt hierbij de Shift-toets in om aangesloten records te selecteren, de Ctrl-toets voor niet-aaneengesloten records, of u gebruikt de selectiemogelijkheden in het vak ’Aantal records’.
De blauwe kleur geeft de records van uw selectie weer.


